De Witte Olifant

Ik denk zomaar dat het elke vrouw wel eens overkomt. Zo’n moment waarop manlief thuiskomt met de mededeling dat er morgen iets te doen is. Of nog leuker. De dag voordat er iets te doen is vertelt een vriendin/vrouw van een collega van je man dat er iets te doen is. Nog interessanter wordt het als blijkt dat het op prijs gesteld wordt als jij voor dat evenement iets onderneemt. Mij gebeurt dit regelmatig. Zo ook deze week, afgelopen woensdag om precies te zijn. Ik hoorde op maandagavond van Martin dat er woensdag een kerstfeestje zou zijn op zijn werk, waar ook de vrouwen en kinderen welkom waren. Dat vertelde ik aan Patricia (die was natuurlijk ook welkom) die wist nog van niks, maar de volgende avond, gezamenlijk shopavondje, wist zij te vertellen dat het werd gewaardeerd als we dan ook iets lekkers meenamen. Blijkbaar ging er ergens een mail rond met alle details, op de een of andere manier bereiken dat soort mailtjes mij nooit. Helaas. Maargoed, wie mij kent weet dat ik geen bakkans voorbij kan laten gaan. Probleem was nu alleen dat ik me niet kon uitsloven, want ik hoorde het dinsdagavond en woensdag om 12.00 begon het feest. Toch nog ‘s-ochtends wat wortelcupcakejes gebakken en meegenomen. Dit ging uiteraard wel ten koste van de op dinsdagavond gekochte kerstboom, die onversierd in de huiskamer moest blijven staan. Wat Martin wel al maandagavond had verteld was dat er een spel gespeeld zou worden: ‘The White Elephant’.

Voor wie dit spel nog niet kent, het gaat als volgt: Iedereen moest/mocht een kado meenemen en onder de kerstboom leggen. Dan zouden er lootjes worden gemaakt met nummertjes erop, zoveel lootjes als kadootjes. Degene met lootje nummer 1 moest eerst een kado kiezen en uitpakken, daarna nummer twee enzovoorts. Maar nummer twee mocht ook zijn lootje aan nummer 1 geven, als hij liever het kado van nummer 1 wilde, en dan moest nummer 1 weer een nieuw kado kiezen. (of nummer 15 het kado van nummer 3 etc) Een kado werd bevroren wanneer het drie keer gestolen was en kon dan dus niet meer van eigenaar wisselen.

Heel erg grappig dit spel, vooral met een zaal vol mannen. Zoals iedereen weet blijven mannen eigenlijk altijd jongetjes, zeker wanneer het mannen betreft in Martins werkgebied… Dus waren er wat ‘grappige’ kado’s bij de kerstboom te vinden. Zo bleek in een van de verpakkingen een potje in de vorm van een grote groene kikker te zitten (ik bedoel dus een potje om op te plassen) en uit een ander pakje kwam een babyroze snuggie tevoorschijn. Hilarisch natuurlijk, ware het niet dat het toeval wilde dat de lieve Justin van twee jaar oud, zonder het te weten het potje uitkoos. Wijzelf kregen een tweetal coffeemugs die Joris vol enthousiasme uitpakte waarbij hij, eenmaal uitgepakt, een luidkeels “Oh mooooi!” liet horen. Hierna liep hij de hele middag met een van de mugs liefdevol onder zijn arm, geen grote kerel die het nog aandurfde ons kado af te pakken. Toch jammer, want wat had ik graag die lekkere roze snuggie gehad ;-)

Wat ik ook gekregen heb die middag is een fantastich recept voor bananapudding. Die had een (mannelijke!) collega van Martin gemaakt en meegenomen naar het feest van de witte olifant. Echt heerlijk, dus als die hier gemaakt is horen jullie het vanzelf.

Donderdag was Martin vrij en hebben we kerstballen en overige versieringen voor de boom gehaald en de boom versierd. Ik voelde me helemaal niet fit, dus vroeg gaan slapen en goed verzorgd door Mart. De boom is erg mooi geworden. Het is een boom van 7.5 voet hoog, een echte nepperd. Met LED-verlichting die je kunt schakelen van witlicht naar kleurtjes, tot Joris grote vreugde. We hadden nog mooie zilveren ballen mat en glanzend en daar hebben we nu verschillende paarse ballen bijgekocht. Het is een hele uitdaging de boom en ballen heelhuids de feestdagen door te krijgen met een ondernemende peuterpuber en een kruipende baby. Zeker omdat de regel hier in huis is dat je met speelgoed niet mag gooien, behalve met de bal.

Vrijdag lekker thuis een pyjamadag gehouden zodat ik een beetje kon opknappen, bleek zaterdag dat Martin ziek was. Dit resulteerde in  een mijlpaal in ons Texaanse avontuur: Mijn eerste Dipdag!

Zondagochtend eerste kerstdag (de enige kerstdag hier trouwens), Martin ziek in bed. Geen familie en vrienden in de buurt (sorry texaanse vrienden, ik sluit jullie voor een iets dramatischer effect even buiten), geen lekkere kerststol, geen versierde kerstontbijttafel, geen kerstliedjeszingende schoonmoeder met een kerstontbijt op bed, twee kindertjes die geen idee hebben dat vandaag een bijzondere dag moet zijn, geen vooruitzicht op een lekker en gezellig kerstdiner, geen romantisch kaarslicht. Ik word ineens geconfronteerd met een gevoel van ‘moeten’. Ik MOET een kerstsfeer creeeren voor mijn kinderen omdat ik ze die warmte wil meegeven die ik als kind ervaren heb op dit soort dagen. Maar daar komt ook meteen het gevoel van ‘niet kunnen’ bij. Ik weet niet hoe ik het aan moet pakken. Hoe doe je zoiets? Hoe zorg je voor die magie als moeder? Terwijl de ukjes het nog niet begrijpen? En de opa’s, oma’s, ooms, tantes en vrienden in het kneuterige holland zitten? Ik realiseer me dat ook het klimaat en de manier van dichter op elkaar wonen in nederland een rol spelen in mijn beeld van hoe kerstmis hoort te zijn. De romantisering van het contrast: buiten ijzig koud, kristallen op de ramen, vroeg donker en binnen warm, met veel mensen in een gezellige kamer bij kaarslicht en als je naar buiten kijkt zie je dat het bij de buren ook al zo gezellig is. Ik zet een cd op met kerstmuziek om ergens te beginnen, maar dit wordt met luid protest overschreeuwd. Joris wil: “niet sjingen mama, bowebouwe kijke!” Dus zitten mijn twee kleine schatjes naar Bob de Bouwer te kijken, op de achtergrond een kerstboom met felgekleurde lampjes, en ligt mijn zieke mannetje in zijn bed. En ik, ik mis mijn familie en vrienden en de vervlogen tijden! Herinneringen flitsen aan me voorbij en ondanks dat het me verdrietig maakt, besef ik ook hoe mooi het is.

Dan nog een laatste vrolijke noot:  Joris liep gisteren ineens op schoenen van Martin door het huis, waarop ik hem vroeg: “hee Joris, heb jij papa’s schoenen aan?” Joris: “nee, OpaNoci schoenen aan ik”  Wat bleek: het waren Martins Van Bommeltjes…Tsja, dat heeft die Jorismans toch maar goed onthouden…opa Noci heeft (bijna) altijd Van Bommeltjes aan.

 

 

Mijn locatie .

Eind goed, al goed

Plassen voor pepernoten:

Mama: “Joris, moet jij even plassen op de wc voordat je gaat slapen?”

Joris: “ NEE!”

Papa: “ Als je even op de wc plast krijg je een pepernootje.”

Joris: “ja, peecee” , rent naar de wc, gaat zitten, concentreert zich, plast. Er vallen een paar druppels op de speciale peuterwc-bril waar Joris meteen zijn vinger in prikt…..”oh, heet!” Wat een ontdekkingen doe je toch als je twee bent! Joris trekt vervolgens de halve rol toiletpapier van de muur om uitgebreid te poetsen en wast dan zijn handjes (met mama’s hulp uiteraard) “Klaaaar, peepenoote!” 

Sam’s club

Dit is een grote winkel waar je alleen boodschappen mag/kunt doen als je lid wordt voor 40 dollar per jaar. Lucky me, Patricia is lid en ik mag mee!  Martin blijft thuis met Joris, samen bouwen met de blokken. Als hij per ongeluk tegen papa aanbotst zegt hij “sojo papa”. Zo schattig! Ik neem Elian mee aangezien hij nog borstvoeding krijgt. Onderweg naar Temple zien we weer hoe geweldig de Amerikanen kunnen autorijden (NOT), maar we komen veilig aan. Bij de ingang moet Patricia haar lidmaatschapspasje laten zien en dan mogen we met z’n allen naar binnen. Het is een enorme loods met een hoog plafond en schappen vol met grootverpakkingen. Het doet me denken aan een kruising tussen het magazijn van Ikea, de Aldi (veel staat nog op paletten in het plastic) en de Makro. Als we het eerste pad uit komen lopen waar voeding stond staat er een dame met twee karretjes. Op het ene karretje staat een oventje, van het andere karretje is een klein kraampje gemaakt waar hapjes op staan. Ze biedt ons een eenhapsquiche aan en een soort wraprolletje. Bovenaan het kraampje hangt een lijst met wat je zojuist hebt gegeten en waar je dit in de winkel kunt halen. We lopen verder en met onze mond nog vol worden we aangesproken door de volgende dame met twee karretjes. Zij heeft een elektrisch kookplaatje met een koekenpan en bakt vis die ze net uit het vriesvak heeft gehaald. Ik sla even over. Zo gaat het de hele winkel door. “goed blogmateriaal dit”, zeg ik. Verder lopen wij door, maar menig klant stopt bij elk kraampje om zo een gratis lunch te verzamelen. Ze verkopen hier trouwens echt goede Hollandse/Goudse kaas! Nadeel daarvan is dat die benadrukt hoe vies het brood is wanneer je er je Amerikaanse broodje mee belegt. Een goede reden dus om weer een brood te bakken, dat doe ik dan ook met plezier!

Op Safari

Afgelopen zaterdag belde Martin’s collega of we mee wilden met de jongens naar een park in een plaatsje verderop. Het is een soort wildpark waar je met de auto doorheen rijdt, de ramen mogen open maar je mag niet uitstappen en voor een dollar per zak kun je speciaal voer kopen. Nu hebben zij een mooie grote Amerikaanse auto waar me met z’n allen inpassen (vier volwassenen en vier kindjes) dus papa’s voorin en mama’s tussen de kinderstoeltjes op de achterbanken en rijden maar. Het was fantastisch! Eenmaal in het park zijn Patricia en ik met Justin en Joris in de achterbak gaan zitten met het achterraam open, Elian bij Martin voorin op schoot met het raampje open en Lorena bij Bas achter het stuur. (geen paniek, we reden stapvoets of langzamer en stonden veel stil, niets gevaarlijks aan). De kinderen, ook de kleinsten!, hebben hun ogen uitgekeken naar alle herten, bokken, geiten, reeën, paarden, zebra’s, koeien, buffels, struisvogels, lama’s en een grote dromedaris. Handen vol met voer werden door de dreumesen naar buiten gemikt, Joris riep bij elke hand: “ooh, lekker, koekies!”. Aangezien de lama’s nogal lelijk kunnen spugen en de struisvogels gemeen naar je pikken gingen de raampjes snel dicht wanneer er een lama of struisvogel in de buurt was, onder luid protest van Joris die niet wilde stoppen met het voeren van de “paardjes” (paardjes met een gewei, paardjes met veren etc.) De zebra’s aten uit onze handen, waarbij me opviel hoeveel een zebra eigenlijk op een gewoon paard lijkt van dichtbij. Toen de dromedaris bij de auto aankwam was ik wel echt onder de indruk. Wat een enorm beest is dat zeg, dan denk je dat je in een grote auto zit….de dromedaris is een kop groter. Overigens heeft hij die grote kop in het verleden wel eens de auto ingestoken om een volledige zak met voer naar buiten te trekken (hij was duidelijk totaal niet geïnteresseerd in slechts een handje brokjes), dus ook deze vriend hielden we buiten door de ramen op een kiertje te zetten. Elian heeft hem nog wel een kus kunnen geven, dat dan weer wel. Na dit grote safari-avontuur zijn we lekker gaan eten bij de Italiaan, alwaar Joris die nooit verschoond wil worden tijdens het hoofdgerecht besloot dat hij een schone luier nodig had. Toen dat gebeurd was en ikzelf nog even ging plassen, zag Joris zijn kans schoon om op de grond te gaan liggen en zijn hoofd onder het schot door te steken naar het hokje naast ons. Zo had hij een uitstekend uitzicht op een meisje dat naar de wc wilde en dat, preuts als de Texanen zijn, begon te gillen dat ze door een jongen werd bekeken. Hierop stak haar moeder haar hoofd ook onder het schot door om te bekijken wat er aan de hand was, gelukkig kon die hartelijk lachen om het feit dat het “just a little boy” was.

Elian gaat staan

Ja, negen maanden oud en meneer vindt dat het tijd is om achter Joris aan de trap op te gaan. Dus kruipt/rupst hij snel naar de trap en trekt zich dan aan de treden op tot staan. Luid kraaiend meestal, naar Joris. Helaas voor hem komt hij niet verder dan zijn voeten op de grond en zijn handen op de tweede trede. Maar binnenkort zal het hem vast wel lukken, want hij oefent op alles wat maar binnen handbereik is (aan je been optrekken tot staan, aan een poef die op de grond ligt, aan de blokkenwagen) Misschien wordt het dan toch weer tijd om het traphekje te plaatsen. Zucht…wat worden kleine kindertjes toch snel groot…

We krijgen ook steeds meer te horen hoeveel de jongens op elkaar lijken, en ik begin ook steeds meer gelijkenis te zien nu het babyachtige er zo snel afgaat bij Elian.

Behulpzaamheid kent geen grenzen

In de Walmart (supermarkt) was ik op zoek naar rijstwafels voor Elian. In de hoop iets vergelijkbaars te vinden als in Nederland, zonder toegevoegde suikers/zoetstoffen en zout in elk geval. Ik kon het niet vinden. Daarna op zoek naar easy-up pampers voor Joris. Blijkbaar stond ik wat langer appelig te kijken bij het luierschap, want prompt stond er een juffrouw naast me: “Hi guys, how are y’all doing today? Can I help you with anything?” Uhm, ja ik zoek easy-upjes (maar ik kan best zelf nog even zoeken), de juffrouw aarzelde geen moment en begeleidde ons naar de betreffende luiers. Nu dacht ik er wel weer zelf uit te kunnen komen, maar juffrouw was vastberaden mij tot het bittere einde bij te staan. Omdat de maten in Amerika anders zijn dan in Nederland (de geur ook, maar dat had ik al eens aangekaart) had ik niet direct mijn antwoord klaar op haar vraag welke maat ik nodig had. Dat was geen probleem. Juffrouw bekeek Joris en tilde hem op…beetje schudden, goed voelen… Ja, ze wist het zeker, maatje 6. “do you need anything else?” No thanks wilde ik zeggen, maar Martin was me voor: je zocht toch nog rijstwafels?! Dus op naar het schap waar ik net al voor had gestaan, achter juffrouw aan. Elke doos werd uit het schap gehaald en uitgebreid met me doorgenomen. Uiteindelijk belandde er een doosje in onze wagen waarop stond dat deze koekjes in 2008 een award hadden gewonnen. Juffrouw was er erg enthousiast over. Helaas, wel wat toegevoegde suikers en zout, maar Elian vindt ze te eten. Volgende keer maar rijstwafels laten opsturen uit Nederland en vooral niet meer te lang bij een schap blijven staan.

Eind goed, al goed

Ohja, voor wie zich naar aanleiding van mijn voorgaande blogs afvraagt hoe het nu is met de kinderwagen en de wasmachine. De kinderwagen is weer helemaal compleet en wordt veelvuldig gebruikt, ik heb hem nu zelfs gepimpt met nieuwe voetenzakken en twee cupholders. Zonder cupholder en je eigen thermobeker kun je echt niet de straat op hier. Werkelijk iedereen loopt met z’n eigen koffie/thee of een beker Starbucks in de cupholder. Je mag ook gewoon in een restaurant gaan zitten met je eigen drinken of met de bak koffie die je net bij de buren hebt gekocht. Geen probleem! De wasmachine is gerepareerd en werkt perfect. Nu nog op zoek naar een droogrek waar alles op past wat na een keer wassen uit de machine komt, want ons Nederlandse rek is daarvoor echt te klein!

Mijn locatie .

Over drammerijntjes en andere perikelen

Zo. Een koppie pickwick mango-perzik-rooibosthee links, een stuk chocoladeletter rechts en mijn laptop voor mijn neus. In mijn hoofd een drukte aan verhalen van de afgelopen twee weken.

De naam ‘Texas’ stamt  af van het woord ‘Tejas’ dat vriendschap of verbondenheid betekent. Texanen zijn hier trots op en vinden het belangrijk om nieuwkomers een warm welkom te bieden, deze traditie past bij hun ontstaansgeschiedenis en doet recht aan hun naam. Een warm welkom hebben wij hier zeker gehad, echter niet in de minste plaats door de Nederlandse community ter plaatse. Over warmte gesproken…De eerste paar weken was het hier warm genoeg om de kachel in huis uit te laten. Nu de herfst begonnen is en de temperaturen, vooral ‘s-nachts, zijn gedaald hebben we de verwarming wel graag aan. Radiatoren worden hier niet gebruikt. We hebben een warmtepomp die aan de airconditioning is gekoppeld, de lucht wordt elektrisch verwarmd en door het huis geblazen. Martin werkt de hele week en mij viel op dat ik het zo koud had in huis. Er kwam bijna continu koude lucht uit de roosters, maar de thermostaat bleef wel de ingestelde temperatuur aangeven.  Er kwamen twee meneren op vrijdagmiddag langs, die al snel constateerden dat er inderdaad “iets” mis was en toen weer vertrokken. Dat kostte zestig dollar. Nu houd ik er van om te horen dat ik gelijk heb, maar om daar nou zestig dollar voor te betalen… Op maandag kwamen er twee andere meneren, die kwamen kijken wat er nu eigenlijk kapot was. Gelukkig was dit onderdeel meteen te vervangen. Deze vrolijke donkere meneer had echter eerst toestemming nodig van onze verzekering (speciaal voor dit soort zaken afgesloten voor we het huis betrokken), maar omdat hij mijn Nederlandse accent zo leuk vond dacht hij dat het wel goed zou komen en besloot hij het nieuwe onderdeel direct te plaatsen. De volgende ochtend werd ik gebeld door een niet zo vriendelijke mevrouw van het verwarmingsbedrijf. Volgens deze dame wilde de verzekering niet betalen voor de verrichtte werkzaamheden en ik moest kiezen of ik meteen zelf wilde komen betalen, 160 dollar, of dat ze het onderdeel er weer uit kwamen halen! Uhm, ja, mag ik misschien even met mijn man overleggen? Dat mocht. Ik kon Martin, die aan het werk was, niet direct bereiken en een uurtje later belde de inmiddels nog minder vriendelijke mevrouw mij weer om te vragen of ik al had besloten wat er moest gebeuren. Niet dus. De mevrouw vroeg zich af op welk tijdstip Martin dan pauze had en kon zich niet voorstellen dat dit per dag zou kunnen verschillen en mij dus onbekend was. Of ik een beetje haast wilde maken. Toen ik Martin had kunnen bereiken heeft hij met het bedrijf gebeld en gezegd dat ze dan maar het onderdeel er uit moesten komen halen, en hij belde de verzekeraar om te vragen waarom ze niet wilden vergoeden. Volgens de verzekeraar was er geen sprake van niet willen vergoeden, maar zaten ze nog in de fase van onderzoeken of het binnen de verzekering viel. De rest van de dag niets meer gehoord. De volgende dag werd ik weer gebeld door het verwarmingsbedrijf, of de kachel na de werkzaamheden goed werkte. Dezelfde mevrouw klonk ineens vriendelijk en mijn antwoord was dat hij het goed deed, maar dat ik me afvroeg wanneer ze het onderdeel er weer uit zouden komen halen. “Oh, weet u dat nog niet? We laten het toch zitten want de verzekering betaalt”.

Joris eet graag Drammerijntjes. Van die kleine ronde oranje citrusvruchten. Hij wil dan wel kijken hoe zo’n drammerijntje gepeld wordt, en dat moet staand op een stoel tegen het aanrecht aan gebeuren: “beter sjien mama!”. Als ik begin met pellen voordat hij zijn stoel heeft gepositioneerd en er op staat, begrijp ik ineens waarom zo’n ding een drammerijntje wordt genoemd. Hij eet ook graag ‘popoen’, dat is een grote ronde zoete waterige vrucht (niet te verwarren met een pompoen), beter bekend als een meloen. Hij vraagt tegenwoordig ook regelmatig om ‘noepies’, waarop ik antwoord dat hij dat niet mag, maar wel een banaan of een appel. Zijn reactie is dan meestal een door het huis springend, luid zingend : “hoeja, hoeja appaaa/bananaaa”! Joris gaat soms naar de wc. Het gevaar bestaat dan dat ik hem niet meer terug kan vinden, omdat hij de hele rol toiletpapier heeft afgewikkeld en over het toilet heeft verspreid.

Inmiddels hebben we een mobiele prepaid telefoon, die ene ja, die Martin zo zorgvuldig had uitgezocht. Onze belminuten gaan akelig snel, terwijl wij zelf bijna niet bellen, want wat blijkt. Je betaalt ook als je gebeld wordt. En waarschijnlijk was dit prepaid nummer voordat wij het kregen van een Mexicaan die in de schulden zat, want ik word dagelijks gebeld door een bedrijf dat  op zoek is naar ene meneer Rodriguez in verband met achetrstallige betalingen. En dat kost ons dus weer belminuten. Nu heb ik dat bedrijf maar in mijn contactpersonen opgeslagen met als naam: ‘NIET OPNEMEN’, tsja, je moet wat.

We hebben thuis met z’n viertjes een heerlijke verlate Sinterklaas gevierd met pakjes die uit Nederland door Sint waren verstuurd, maar door de Amerikaanse postpiet nogal vertraagd waren. Kort daarna zijn we naar de kerstparade in Killeen geweest, waar Joris en Justin vooral oog hadden voor een oplegger van de brandweer, maar Elian zat vrolijk vanuit zijn wagen de stoet te bekijken. Gisteren hadden we een kerstbuffet op Martin zijn werk en daar was Santaclaus! Joris vond het erg spannend, maar wilde toch wel op schoot voor een snoepje en een kadootje. Elian zat met zijn altijd gulle lach naar de kerstman zijn baard te graaien. Ook op deze avond waren de cultuurverschillen weer duidelijk. Wij Nederlanders denken :gezellig, lekker kletsen met elkaar en rond kijken op het werk, de kinderen leuk bij Santa laten fotograferen en daarna ga je wat te eten halen. De Texanen denken : we gaan direct bij aanvang in een kilometerslange rij staan voor het buffet, eten dan zo snel mogelijk om vervolgens in de rij voor de toetjes te kunnen gaan staan, lopen dan door naar Santa voor een foto en een kado en gaan dan weer naar huis. Achteraf begrepen wij de Texanen wel een beetje, want toen wij eten wilden halen waren de borden en het bestek op, het eten koud en de toetjes verslonden. Maar een gezellige avond hebben we zeker gehad! Je zult wel begrijpen dat Joris enigszins verward is, voor hem zijn Sinterklaas en de Kerstman een en dezelfde persoon die nogal veel aanwezig is en lijkt op een grote kabouter.

Vandaag ben ik met Patricia en alle kindjes naar het kindermuseum in Austin geweest. Dat was erg leuk! De jongens hebben zich erg vermaakt tussen de dinosaurussen en met de graafmachines. Wel lastig dat speelgoed soms gedeeld moet worden.

Overigens hadden we van het weekend een Europees uitje. We gingen een tafel kopen bij de Ikea in Austin. Echt, als je daar binnen loopt waan je je in Nederland. Dezelfde spullen staan op dezelfde route in dezelfde indeling. Heerlijk. Er was echter een duidelijk verschil. In Nederland kun je naar het restaurant als je dat wilt, je kunt er ook langs lopen. In Austin moet je dwars door het restaurant, zo’n beetje halverwege de winkel, wil je de rest van de winkel nog zien of er uberhaupt weer uit komen.

Ik ga regelmatig ‘s-avonds de stad in met Patricia als alle kindertjes slapen en de papa’s thuis zijn. dat vind ik echt super! Zo leer ik de omgeving een beetje kennen en ben ik er even uit. Heel fijn dat de winkels hier dagelijks tot minimaal 21.00 open zijn! En op donderdagochtend hebben we hier thuis koffie met de Nederlandse dames. Heel gezellig, al heb ik geen koffie dus dat moet van de starbucks meegenomen worden.

We hebben het allemaal nog erg naar ons zin! Volgend blog ga ik weer even wat langer voor zitten en zal ik niet zo lang meer wachten, maar ik was nu gewoon te druk met al het noodzakelijke en leuke.

Mijn locatie .

Huisje, boompje…

Een jaar of twee geleden waren Martin en ik op een voorlichtingsbijeenkomst over werken en wonen in Texas. Gelukkig hoefden we niet diezelfde dag te beslissen of we wilden gaan, want dan had ik vast nee gezegd. Er werden namelijk nogal wat onderwerpen behandeld waar ik de kriebels van kreeg. Zo had je de enorme plotseling optredende regenbuien/stormen in combinatie met de grote afwateringsgaten langs de weg, het advies: houd je kinderen binnen of goed vast, want tot een jaar of zes spoelen ze zo met de regen mee het riool in. Maar natuurlijk werd er ook gesproken over de beestjes, of moet ik zeggen beesten… die je hier zomaar tegen zou kunnen komen in en om je huis. Gevaarlijke en ongevaarlijke slangen, spinnen, schorpioenen, oorwurmen, kevers, torren, fire-ants, killer-bees, enorme wespen en ander al dan niet vliegend spul. In Nederland hield ik al niet van beestjes, je had er bij moeten zijn toen ik in de dierentuin van Emmen door de vlindertuin rende (om er zo snel mogelijk weer uit te zijn). Of toen ik opgesloten stond in mijn slaapkamer, omdat er een spin naast de deur zat en Martin niet thuis was, en ik de eerste de beste voorbijganger vanuit mijn raam moest toeschreeuwen om hulp. (huissleutel naar beneden gegooid, man van de voorbijgangster kwam zo in mijn huis met een glas en een kaartje…etc.)Waarom een lieveheersbeestje zijn naam heeft is me ook een groot raadsel, ik vind ze eng en ze stinken ook zo. Nu was ik mij al aan het voorbereiden op de dag dat Joris met een dikke regenworm trots naar mij toe zou komen lopen. Uren over gebrainstormed hoe ik daarop zou reageren anders dan hard weg te rennen, maar nooit een passende oplossing kunnen bedenken. Goed, je begrijpt, het feit dat hier  texaanse beestjes zitten is een hele uitdaging voor me. Tot nu toe heb ik echter nog geen enge beesten gezien. Op een dode oorwurm en een minispinnetje na. Ohja, toch ook een wespennest aan de veranda. En volgens Martin zaten er ook fire-ants in de tuin, maar die heb ik dus niet gezien. Fire-ants schijnen zich aan je vast te bijten, zo agressief dat wanneer je ze probeert weg te vegen, het lijfje wordt weggepoetst maar de kopjes aan je huid blijven zitten omdat ze weigeren los te laten. Maar, tot mijn grote vreugde hebben ze hier een bug-man! En die is afgelopen week bij ons geweest. Hij loopt het hele huis door plus de hele tuin, maakt alles schoon met een ragebol en sprayt overal een middeltje dat volgens hem alle beestjes doodt, maar dat onschadelijk is voor mensen/kinderen en honden/katten. Wat een wondermiddel, en waarom hebben we dat in Nederland niet? Volgens onze bug-man zien we nu niet veel beesten omdat het ‘koud’ is, maar komen ze in de zomer in grote getale uit onze muren rennen. Hmmm, juist ja. Maar gelukkig is hij daar dan elke drie maanden met z’n spray, we hebben voor mijn gemoedsrust maar een abonnementje afgesloten.

Zoals ik schreef in mijn vorige blog lekte de nieuwe wasmachine na drie dagen. een heel vreemd sijpelend stroompje water NA het wassen. Dus de winkel gebeld, en er kwam een monteur kijken. De beste man vond een scheur in de klep van de koudwateraanvoer. Hij had geen flauw idee hoe dit ontstaan zou kunnen zijn. Nog nooit zoiets gezien bij een nieuwe wasmachien. Zijn advies: koudwaterkraan dicht, niet meer wassen en wachten op een nieuwe klep. Okidoki, we hadden tenslotte toch net alles schoon. Inmiddels wachten we al weer bijna een week op de nieuwe klep, ben benieuwd wanneer ik weer kan wassen. Hopelijk dit keer dan voor langer dan drie dagen. Nu werkt het trouwens heel grappig met pakketjes hier. Als een pakketje via de landelijke post (soort van TNT) komt wordt er aangebeld en als je niet open doet krijg je een briefje dat je het pakket kunt gaan halen op het postkantoor. Via martins werk wordt het gewoon door zijn baas aan Martin meegegeven. Maar als het pakketje met UPS komt, gebeurt er iets geks. De UPS-bezorgers krijgen denk ik betaald voor een vastliggend aantal uur. Ze rennen hun bus uit met je pakket, bellen hard aan, leggen het pakket voor je deur en rennen nog harder weer weg. Meestal gaat dit zo snel, dat je de bezorger en zelfs de UPSbus niet eens meer te zien krijgt. Als je niet thuis bent kan het dus maar zo zijn dat je pakket een hele dag buiten voor de deur ligt. Wat je moet doen als een toevallige voorbijganger het dan heeft meegenomen? Geen flauw idee. Ik hoop er ook niet achter te komen. Binnenkort komen gelukkig de nieuwe onderdelen van de kinderwagen, ik heb kunnen zien wanneer ze bezorgd worden en zorg dan wel dat ik thuis ben, want om dat nou onbeheerd buiten te laten staan vind ik geen prettig idee.

December is hier begonnen met heerlijk Hollands weer! Brandden we in november nog onze handen aan de deurklink, kunnen we nu onze jassen, mutsen en paraplu uit de kast halen. Regen, mist, grauwe lucht, ‘s-nachts onweer, wind en hoosbuien. Gezellig hoor! Ik zit binnen met mijn van mineraalwater gezette kopje thee, het water uit de kraan smaakt of naar chloor, of naar sloot. Zelfs als het gekookt en met Pickwick doorzwengeld is. Eerder deze week door Patricia, Justin en Lorena opgehaald om met z’n zessen een ochtend naar een binnenspeeltuin te gaan. Joris en Justin hebben heerlijk gesprongen op de vele luchtkussens en van torenhoge luchtglijbanen gegleden. Wat een plezier hebben die jochies met z’n tweeen! Eerst even lekker Amerikaans langs de starbucks drive-thru, daarna dus naar een grote hal met allemaal springkussens. Helaas hoorden we Joris op het laatst huilen, hij wilde niet meer opstaan of lopen. waarschijnlijk zijn enkeltje of teentjes dubbelgeklapt en verstuikt. De eerste twee dagen wilde hij helemaal niet lopen en liet hij zich overal naartoe dragen. Inmiddels loopt hij steeds beter, maar nog een beetje mank. Heel schattig gezicht, maar natuurlijk eigenlijk wel sneu.

Gisteren hebben we Sinterklaas gevierd met alle Nederlandse collega’s die hier met kinderen zijn. Het was fantastisch! Er waren twee zwarte pieten overgekomen uit Nederland, compleet met Jetlag. Gelukkig waren ze wakker te krijgen door een liedje te zingen. De jongens waren flink onder de indruk en hebben een hele fijne dag gehad, net als wij. Ik had een klein taartje gemaakt voor de gelegenheid, zie foto’s. Helaas ben ik vergeten foto’s te maken van het feest, maar collega’s hebben dat wel, dus die volgen nog. Wel heb ik foto’s van onze voorbereidingen. De jongens hebben alletwee een mooie pietenmuts gemaakt en Joris heeft een kleurplaat voor sinterklaas gekleurd. Vandaag wordt er druk gespeeld met alle nieuwe spullen. De gedichtjes die de jongens van Sint kregen zet ik later nog op de site. Na het feest trakteerde papa op een echt Amerikaans dinertje: MacDonalds….hmmmmmm, als dat geen inburgeren is!

 

 

 

Mijn locatie .