Cultuurschok

Amerika,

het land waar het recht om een wapen te bezitten (en te gebruiken naar eigen inzicht), het recht om te leven ondergeschikt heeft gemaakt…

Aan de lopende band vinden er shootings plaats in dit land. Natuurlijk is het zo dat Amerika 230 keer zo groot is als Nederland qua oppervlakte en 18 maal zoveel inwoners heeft. Texas is trouwens 17 keer zo groot als Nederland qua oppervlakte en heeft anderhalf maal zoveel inwoners.Voorstanders van de wet die burgers toestaat wapens te bezitten zullen dit ongetwijfeld aanvoeren als bewijs dat het nog wel meevalt en dat die schietincidenten niets te maken hebben met het feit dat men zo makkelijk aan wapens kan en mag komen. Maar wat mij opvalt en beangstigt is het feit dat men hier zo makkelijk denkt over het neerschieten van een ander levend wezen, mens of dier. Doordat iedereen een wapen is huis heeft lijkt het de normaalste zaak van de wereld het ding dan ook maar te gebruiken op momenten en in situaties die mijns inziens ook anders (beter, humaner?) zijn op te lossen.

Dit weekend ging ik, zoals altijd, naar de ranch om paard te rijden. Met de hoogoplopende temperaturen van de laatste weken is het alleen te doen als we al voor acht uur ’s-Ochtends vertrekken, maar dan nog verbrand ik onder mijn factor 50 zonnebrandspray. Vorige week was er een hond op de ranch komen aanlopen. Een goedverzorgde jongedame die ogenschijnlijk kort geleden een nest puppies had gehad. Een supervriendelijk en prachtig beestje, ze leek op een heidewachtel. Ik was op slag verliefd op haar. Ze had een geweldige positieve energie over zich. De rancheigenaar heeft zijn uiterste best gedaan haar baasje op te sporen maar zonder resultaat, en van zijn vrouw (die maanden geleden met de noorderzon was vertrokken, maar nu toch ineens weer opdook) moest hij de hond hun erf afzetten. In het kader van: “ze vindt vast zelf wel weer de weg naar huis”. Toen wij dit weekend op de ranch aankwamen zagen we de hond achter een boom op het erf vandaan komen. Ze liep op haar voorpoten met haar achterlijf in de lucht en haar rechterachterpoot bungelde levenloos onder haar. Ik wist meteen dat haar poot gebroken was en dat ze hulp nodig had, maar vroeg me af waarom Roy haar zo liet rondlopen. Ondanks haar gebroken poot met open wond begroette ze ons vriendelijk. Ze zag er mager en uitgedroogd uit en ze dronk uit mijn handen een halve liter water in recordtempo op. Roy  bleek enorm verbaasd dat de hond zich überhaupt weer op zijn terrein bevond en schrok van haar toestand, waarschijnlijk is ze aangereden door een auto. Op dat moment had ik verwacht dat hij hulp zou regelen, maar terwijl hij bij ons en de hond vandaan liep mompelde hij dat hij het later moest oplossen. In de veronderstelling dat hij wel een bak water en voer zou gaan halen bleven we bij de hond zitten wachten, maar hij kwam niet meer terug. We besloten naar hem toe te gaan en hem te vragen wat hij nu aan de situatie zou gaan doen. Zijn antwoord viel me zacht gezegd rouw op mijn dak: “Ik ga haar afschieten”.

Huilend heb ik Martin opgebeld om hem te vragen of we de hond niet onder onze hoede konden nemen. Ik had haar graag willen helpen en willen houden. En ondanks het feit dat hij het ook afschuwelijk vond, stond zijn besluit vast. We kunnen geen wildvreemde, zwaargewonde hond in huis nemen met onze twee jongens. Wel besloten we de kosten van euthanasie bij een dierenarts voor onze rekening te nemen, zodat ze een waardig en zacht einde zou krijgen. (Ik had uiteraard liever haar operatie/genezing betaald, maar dit zou zeker een paar duizend dollar gaan kosten en was dus niet te doen). Helaas bleek ook dit makkelijker gezegd dan gedaan. De dierenarts (spoeddienst, want weekend) die ik belde vertelde me doodleuk dat ik de politie maar moest bellen en dan zou animalcontrol haar komen afschieten. Het probleem was namelijk dat de hond misschien een chip had. Als de hond geen chip had zou de dierenarts haar kunnen euthanaseren op mijn kosten, maar als de hond wel een chip had ontstond er een nieuw probleem. Dan had ik de verantwoordelijkheid over de hond moeten nemen tot de eigenaar gevonden werd, inclusief het verblijf van de hond bij ons thuis en eventuele kosten. Vervolgens loop je het risico aangeklaagd te worden door de eigenaar op het moment dat die gevonden is en het niet eens is met de beslissingen die je in de tussentijd hebt genomen. Kortom, als je een gewonde hond tegenkomt kun je haar wel afschieten zonder in de problemen te komen, maar als je haar naar een dierenarts brengt kost het je ineens een heleboel geld en kan het je zelfs een rechtszaak opleveren met alle gevolgen van dien. Kortom, bespaar jezelf geld en vervolging door je geweer uit de kast te halen en een onschuldig dier af te schieten. Geloof me, Roy vond het niet leuk dat hij dit moest doen en ook hij had het liever anders gezien. Maar wat is dit toch een idioot land dat mensen dit normaal vinden en het zien als een goede daad, door het dier op zo’n manier uit haar lijden te verlossen. Gelukkig heb ik niet hoeven zien hoe ze werd afgemaakt, in eerste instantie zou hij wachten tot wij weg waren. Toen we vertrokken zei hij zelfs de situatie nog een nacht aan te willen kijken om te zien of ze zelf op kon knappen. Ik weet op dit moment niet hoe het met haar is, of ze nog leeft. Ik wou dat ik nog iets voor haar kon doen. En wat ben ik op zo’n moment blij dat ik over iets meer dan twee jaar terug mag naar Nederland, alwaar we met een politieke partij voor de dieren, de andere idiote kant op zijn doorgeslagen.

Mijn locatie .

Samen

Al zolang ik met Martin samen ben (tien jaar inmiddels) blijken belangrijke zaken op soms handige, maar meestal onhandige momenten samen te vallen. Ooit begon het met het feit dat ik uit mijn kamer in Utrecht moest, omdat mijn eerste jaar HBO-V erop zat en het zusterhuis alleen voor eerstejaars studenten was, terwijl Martin zijn woning in Breda “moest” verlaten omdat zijn werkplek naar het midden van het land werd verschoven. Dit was een handige samenloop van omstandigheden, die resulteerde in ons eerste samenwoonavontuur. Na deze positieve speling van het lot zijn er echter vooral onhandige dingen samengevallen. Bijvoorbeeld het kopen van ons huis in Vianen, vlak voordat Martin een paar maanden naar t buitenland moest. Waardoor ik er alleen voor stond toen de gordijnen voor het zes meter hoge raam moesten worden opgehangen. Ook een leuke was het moment dat onze wasmachine kapot ging toen Martin net weer even in het buitenland zat en ik met twee kleine kinderen best wat vuile was produceerde, met als extraatje dat we binnen zes weken naar Texas zouden verhuizen alwaar we aan een eventuele nieuwe Hollandse wasmachine niets zouden hebben. Nu is dit slechts een kleine greep uit alle voorbeelden en echt vreemd is dat ook niet met een partner die het grootste deel van het jaar weg is. Reden te meer om voor dit Texaanse avontuur te kiezen, aangezien ik de illusie had mijn echtgenoot dan wat vaker in de buurt te hebben. Illusie ja, want in de praktijk blijkt dat hij ook hier door de huidige werkomstandigheden vaker uit dan thuis is.

Zo kwam het dus dat Joris zijn eerste echte schooldag/schoolweek samenviel met een periode van afwezigheid van zijn vader. Ik had mij al op het ergste voorbereid, maar gelukkig is het enorm meegevallen. De eerste twee dagen moest de juffrouw Joris van mij lospeuteren onder luid protest, om mij vervolgens na respectievelijk anderhalf en drie uur te bellen dat ik hem moest komen halen. Tot grote hilariteit van de directrice was Joris de eerste student in het dertigjarig bestaan van de school die zonder problemen de sloten wist open te krijgen. Deze sloten bevinden zich allemaal op peuterooghoogte, dus denk ik niet dat het probleem is dat die andere kinderen de afgelopen dertig jaar het niet hebben gekund, maar dat het simpelweg de Texaanse volgzaamheid is geweest die ze ervan heeft weerhouden. Een ‘deugd’ die Joris duidelijk niet bezit (gelukkig).  Nadat hij meermaals buiten op de parkeerplaats naar mijn auto had staan zoeken vonden ze het tijd dat ik hem zou komen halen. Op dag drie moest hij nog steeds van mij worden losgemaakt bij het wegbrengen, maar werd ik pas na vier uurtjes gevraagd hem te komen halen. Hij had zich voorbeeldig gedragen die dag, tot het moment dat naptime was aangebroken. Meneertje weigerde te gaan liggen rusten, waardoor hij de andere kinderen wakkerhield. Verbaast mij niets, aangezien hij al negen maanden niet meer slaapt overdag. Sinds die dag verblijft Joris dagelijks van acht tot twaalf op school, grotendeels zonder problemen en bij het afscheid loopt hij inmiddels zelfstandig zonder mopperen de speeltuin in. Nadat ik een goed gesprek met hem heb gehad over het gevaar van zelf naar buiten lopen klappert hij slechts nog met de deur; open-dicht-open-dicht. En alhoewel de oplossing voor dit probleem mij redelijk voor de hand liggend leek, een schuifje bovenin buiten bereik van peuterhandjes, keek de juf mij bij dit voorstel aan of ik van een andere planeet kwam.

Ondertussen merk ik aan Joris hoe goed het voor hem is om die paar uurtjes op school te zijn. Hij vaart zeer wel bij de regelmaat en vaste patronen die school met zich meebrengt, zowel in de voorbereiding thuis als op school zelf. Het favoriete onderdeel van zijn dag is dan ook wanneer de juf om 09.00 in haar handen klapt (in de speeltuin), zodat de kinderen weten dat het tijd is om het speelgoed op te ruimen en in een rij voor het hek te gaan staan. Met de handen op de rug welteverstaan. Ook is het verbazingwekkend om te zien hoe snel en soepel hij zich een andere taal eigenmaakt. Hij lijkt na twee weken veel van wat er tegen hem gezegd wordt al te begrijpen en als hij thuis aan het spelen is betrap ik hem op het zeggen van zinnen als: “how are you today? Nice to meet you! “ Hij zegt verschillende losse woorden: dinosaur, restroom, airplane, car, shoes, high five, yes en no. En hij kan in theorie zelf bestellen in een restaurant: “macaroni and cheese please, applejuice please, thank you”. Tellen in het Engels is blijkbaar makkelijker dan in het Nederlands, al zullen we de zes plus six is sex verwarring er nog wel een poosje inhouden. Daarnaast kriijgt hij dagelijks Spaanse les op school, met als gevolg dat hij mij laatst bij het naar bed gaan enthousiast “dagdag, byebye, ADIOS” nariep. Elian lijkt het ook heerlijk te vinden om het rijk dagelijks even alleen te hebben, hij speelt dan het liefst met alles waar hij normaalgesproken van Joris niet aan mag komen (lees: de dinosaurussen en puzzelstukjes) en drinkt stiekem uit de thuis achtergebleven beker van zijn grote broer. Met zijn Engels ben ik nog niet begonnen te oefenen, maar hij kan al zeker dertig Nederlandse woorden zeggen. Taal blijft een fantastische uitvinding, zeker met kleine kinderen kan het mij blijven verrassen en verblijden. Toen ik Joris een tijd terug prees voor de puzzel die hij had gemaakt door te zeggen: “jij bent mijn grote puzzelkoning” antwoordde hij: “nee nee mama, ik bent geen koning, ik bent een kleine jongen”. En elk nieuw woord dat Elian plotseling blijkt te kunnen uitspreken en de ontwikkeling die dat woord doormaakt van het moment dat ik het begrijp tot het moment dat  een ander het verstaat intrigeert me. Vaak sta ik ervan versteld hoeveel ik moet tolken om een ander hem te laten verstaan, terwijl ik als moeder al aan een half woord genoeg heb.

Vorige week had ik een verplichte ouderavond op de montessorischool. Al dagen van te voren hingen overal op, in en om de school briefjes over hoe verplicht en belangrijk deze avond was. Uiteraard viel het voor mij in een manloze week en was het gepland op het ongelofelijk handige tijdstip van 18.00 tot 19.00 uur. Gelukkig kon een van de meiden hier op de jongens passen, want de school had wel opvang kunnen regelen voor Joris, maar niet voor broertjes of zusjes van ingeschreven kinderen. Vol verwachting ging ik  braaf naar deze bijeenkomst, alwaar ik er snel achterkwam dat hier niets aan het toeval (en de eigen verantwoordelijkheid) wordt overgelaten. Het handboek voor ouders dat ik een paar weken geleden van A tot Z had zitten lezen werd in een uur tijd volledig door de directrice voorgelezen aan het lokaal vol ouders. Als je wilt dat mensen volgzaam zijn, moet je ze tenslotte wel de regels voorkauwen. Uiteraard pas nadat men met zijn allen een uitbundig gebed had gedeeld. Met mijn spijkerbroek-met-T-shirt-zonder-make-up-niet-net-bij-de-kapper-geweest-Look was het meteen duidelijk dat ik geen Amerikaanse, laat staan Texaanse, was. En toen ik mijzelf ook al geen met-mijn-handen-in-de-lucht-halleluja-en-Amen liet ontvallen was de nieuwsgierigheid van menig ouder zichtbaar gewekt. Niet hoorbaar, want mij er op aanspreken stond niet in het script.

Met de andere vrouwen en kinderen die het zonder man/vader moesten stellen zijn we bij de IHOP gaan eten. Reuzegezellig met vier vrouwen en zes kleine kinderen en omdat je bij elk volwassen hoofdgerecht een gratis kindermenu kreeg konden we ook onze Nederlandse zuinigheid weer eens lekker de vrije loop laten. Zo brachten we mooi een van de kinderen tijdens het betalen bij de vrouw die zelf geen kinderen heeft onder, dat scheelde toch weer een paar dollar.

Martins thuiskomst was een hele happening. De jongens en ik hebben hem opgehaald, dat was geweldig. Helaas kan ik hierover inhoudelijk niets kwijt op dit (openbare) blog. Maar wie er meer van wil weten kan me mailen, ik heb er genoeg over te vertellen en er zijn foto’s en videobeelden beschikbaar.

Afgelopen weekend hadden we een housewarming/kinderverjaardag van een collega. Het jarige jongetje is gek op cars, dus maakte ik een carstaart voor hem. Geweldig om te doen. En omdat we afgelopen maandag vier jaar getrouwd waren maakte ik ook een taart met chocolademousse en chocoladeganache voor onszelf. In het kader van ‘mooier is niet altijd lekkerder’ heb ik niet veel aandacht besteed aan het uiterlijk van deze taart. We hebben er een stukje van gegeten als toetje na een diner bij de Applebees, met stip de beste eetgelegenheid in de buurt. Uit eten gaan is hier ideaal met kinderen. Er staan TV’s aan, alles gaat snel en ze hoeven niet stil te zijn. Enige minpuntje blijft de airco die belachelijk koud staat ingesteld, waardoor je (ondanks de 37 graden buiten) truien moet meenemen om niet te hoeven klappertanden tijdens het eten. De rest van mijn taart is in de vriezer verdwenen, aangezien Martin de volgende ochtend vroeg ons weer voor een week moest verlaten.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Mijn locatie .

Lelieland!

Zeven weken geleden schreef ik mijn laatste blog. In die zeven weken ben ik zo druk geweest dat er genoeg te schrijven viel, maar ik er simpelweg de tijd niet voor had achter de computer te gaan zitten. Nu ik er wel aan begin kom ik erachter dat mijn geheugen ook niet meer is wat het geweest is, dus ondanks de hulp van mijn agenda,  zullen sommige blogwaardige zaken helaas onbesproken blijven.

Eerste tijdrovende klus was het wennen van Joris aan zijn school. Elke ochtend van acht tot negen stond ik op het schoolplein met een klein mannetje hangend aan mijn broekspijpen. Elke dag ging het een beetje beter, maar hij blijft al die Engelstalige druktemakertjes een beetje eng vinden. Toen ik van de week het ‘handboek voor ouders’ las, kwam ik erachter dat het voor jongetjes verboden is om lang haar te hebben. Dat wil zeggen: het haar mag niet zo lang zijn dat het de kraag van het shirt raakt. Ik kan het nog steeds niet geloven.

Het inschrijven van je kindje op een school hier is nogal een energievretende aangelegenheid. Talloze formulieren moeten worden verkregen, ingevuld en ondertekend. In ons geval moest er zelfs een formulier ingevuld worden waar een notaris aan te pas moest komen. Het is namelijk zo dat je verplicht bent je kind te laten inenten tegen allerlei zaken die we in Nederland niet nodig vinden, bijvoorbeeld de waterpokken en hepatitis A en B. Wanneer je dit als ouders niet wilt, vraag je via internet een zogenaamde’ Affidavit’ aan bij het Texas health department. Die Affidavit is echter pas geldig wanneer je hem hebt ondertekend in bijzijn van een notaris, die er vervolgens zijn stempel opzet. Maar als je dat eenmaal hebt geregeld is ook de kous af en mag je kind ongeënt naar school. Ik zag er vreselijk tegenop zo’n notaris te bellen, dus zocht ik er een op internet en mailde ik hem. De beste man mailde direct terug met de mededeling dat hij nu aan het werk was, maar die dag om vier uur wel kon langskomen. Ik gaf hem dus ons adres en zei dat vier uur goed was. Toen er om vijf uur nog geen notaris was geweest besloot ik hem nog maar eens te mailen met de vraag of het wel goed met hem ging. Bij Martin kwam ondertussen de stoom uit zijn oren omdat ik koppig bleef weigeren de boel telefonisch te regelen. (ik heb bellen altijd vreselijk gevonden, maar bellen met een steeds haperende telefoon naar een mij onbekend persoon met hoogstwaarschijnlijk Texaans accent in een andere dan mijn moedertaal slaat alles). Als reactie op mijn mail belde de meneer mij, met de vraag of hij misschien die avond kon langskomen, hoe laat mij dan schikte en of ik nog steeds op hetzelfde adres woonde…..!!?! Een half uur later stond er een jongeman op de stoep, casual gekleed en met zo’n kantoorstempel in zijn handen. Hij liet me van het formulier voorlezen dat ik bij mijn volle verstand was, bekeek mijn rijbewijs ter identificatie en stempelde zijn naam op de affidavit. Vijf minuten later en vijfentwintig dollar lichter was ik een officieel document rijker en konden we aan tafel. ’s-Avonds in bed bleek dat Martin en ik dezelfde vraag hadden gehad: hoe word je hier eigenlijk notaris?  en op internet naar het antwoord hadden gezocht: je moet in Texas wonen, ouder zijn dan 18 jaar, mag geen strafblad hebben en je moet minimaal $10.000 op je rekening hebben staan. Wanneer je aan al deze zaken voldoet kun je een informatiemap aanvragen en jezelf als notaris laten registreren. Je moet dan nog je stempel laten maken en kunt aan de slag. Het is dat ik niet zoveel geld heb liggen, maar anders begon ik hier een nieuwe carrière.

De dag voor Martins 34e verjaardag vlogen we met zijn allen naar Nederland. Mart om te werken; de jongens en ik omdat we het zat waren om man/vader zo vaak te moeten missen en om eindelijk weer eens familie en vrienden in de armen te kunnen sluiten. Wat hebben we het heerlijk gehad die drie weken! De jongens en ik zaten prima op vakantiepark de katjeskelder en ondanks het feit dat ik begrijp dat voor jullie de zomer niet warm en droog genoeg was, hebben wij ook van het weer genoten. Elke dag was er wel een droog moment om buiten in de enorme speeltuin te spelen en Elian vond het dan fantastisch om door de verse regenplassen te stampen. Een effect dat we eenmaal terug hier bij vrienden in de tuin hebben geprobeerd na te bootsen door wat handjes water uit het zwembad op de grond te gooien, maar met 40 graden Celsius verdampt dat waar je bij staat. De vliegreis hebben de jongens glansrijk doorstaan, van zowel medepassagiers als vliegpersoneel kregen we complimenten voor hun uitzonderlijk goede gedrag. Elian keek zijn ogen uit en wilde op de heenreis absoluut niet slapen. Kraaiend van plezier hield hij menig passagier wakker (kiekeboe mevrouw achter ons), terwijl Joris een dutje deed hangend met zijn hoofd op de zitting, knieën op de grond en veiligheidsgordel over zijn rug gespannen. Overigens begreep hij er maar niets van waar Jojo was. We hadden haar toch echt in maart achtergelaten achter het poortje (op vliegveld Killeen). Eenmaal zelf door het poortje was het dus zeer teleurstellend haar daar niet aan te treffen (is dit ‘Lelieland’ nog niet dan?). Het was zo fijn om zoveel mensen weer even te zien en te merken hoe vertrouwd ik mij nog voelde bij iedereen. De open dag van Holos was mooi, het consultatiebureaubezoek in Vianen was nuttig en gezellig, ik heb met eigen ogen gezien dat ik er een prachtig achternichtje bij heb en de tijd die we heb doorgebracht met lieve vrienden en familie was enorm waardevol voor zowel mij als de jongens. Daarnaast heb ik mijn hart kunnen ophalen in de Hema (inclusief tompoezen eten, waardoor ik zo’n vier kilo zwaarder terug naar Texas ging), Albert Heijn, Etos en Marlies Dekkers Store. Met Jorinde een supershopdag gehad in Breda (wat een leuke stad!). Ik heb echt teveel leuks gedaan om alles te vertellen, maar ik wil jullie allemaal bedanken voor deze hartverwarmende weken. DUS: Papa, Mama, Toine, Willemijn, Jorinde, Martijn, Eliane, Martijn, Fieke, Stef, Marith, Jetty, Kees, Free, Ruud, Eveline, Marije M, Senne, Joost, Sara, Marije P, Arwin, Kiki, Andree, Eric, Anne Guus, Janneke, Daniel, Astrid, Bram, Sanne, Joa, Abel, Renate, Marieke, Suzie, Esther, Ellen, Baukje, juffen van Holos, Harmen, Ingeborg, Annelin, Sigrid, Hylke, Bastiaan, Dirk Jan, Debora, Dennis, Rhea, Izzy, David en een ieder die ik onverhoopt vergeet op de late avond: BEDANKT!!!

Op de terugweg had de vliegtuigmaatschappij het gepresteerd ons allen een aparte stoel te geven op verschillende rijen. Zo kwam het dus dat Joris niet bij Martin of mij in de buurt zou zitten. Gelukkig begreep de dame bij de incheckbalie wel dat ze daar beter wat aan kon veranderen. Eenmaal terug in Texas, zoals gezegd vier kilo zwaarder dankzij tompoezen, frikandellen speciaal, hagelslag, appelstroop, ontbijtkoek, muisjes, calve pindakaas, lekkere kaas, karvan cevitam, pannenkoeken, poffertjes, lekker brood, smeerkaas, smeerworst, chinees, brownietaart, witlofschotel, cunning plan ijsjes etc., kregen we een warm welkom. Zowel van onze vrienden-lotgenoten als van het weer, de temperatuur loopt inmiddels op tot ver in de 40 graden Celsius. Dat is zo warm dat Joris na twee stappen buiten steevast zegt: “ohnee, snel naar binnen mama, is veel te warme”. Overigens is hij een enorme filosoof aan het worden. Vooral wanneer hij uitgebreid op het toilet zit komt hij met de meest diepzinnige teksten en volzinnen op de proppen. Toen hij mij laatst vol trots zijn gelegde dinosauruspuzzel (100 stukjes)liet zien zei ik: “jij bent mijn grote puzzelkoning”. Waarop Joris antwoordde: “neenee mama, ik bent geen koning…ik bent een kleine jongen!”

Nog even en Elian doet met hem mee, want die praat met zijn 16 maanden wonderbaarlijk goed. Ruim twintig woorden kan hij nu zeggen en wanneer ik een liedje zing vult hij zelf al de woorden in voordat ik ze gezongen heb. In mijn hoofd hoor ik regelmatig een stem: “Stop de tijd!” , want het is niet te geloven hoe waar het cliché is. Het gaat allemaal zo hard en ze worden zo snel groot. Deze week is Elian voor het eerst bij de kapper geweest, weg babyhaartjes. En als een dezer dagen Joris hele dagen op school zal zijn, ga ik hem hier thuis ongelofelijk missen! Maar wat ben ik trots op mijn lieve jongens! Ondanks alles wat ze meemaken in hun jonge leven (afscheid nemen, verhuizen naar verweg, vliegen, herenigd worden, weer afscheid nemen, Joris zindelijk geworden, papa veel weg, op school beginnen waar iedereen een vreemde taal spreekt) zijn ze vrolijk en ontwikkelen ze zich perfect. Op een flinke moedeloosmakende dwarse of driftige bui na van Joris natuurlijk, maar ook dat hoort helemaal bij zijn leeftijd en ontwikkeling.

Nu is het tijd om te gaan slapen, vandaag hebben we heerlijk in het zwembad bij vrienden geplonsd. Zonder Martin overigens…die moest na een paar dagen hier weer voor werk terug naar Nederland. Dus mocht je hem spreken, doe hem de groeten en geef hem een knuffel van mij! (dat zal hij fijn vinden)

 

p.s. Dingen die je opvallen wanneer je na negen maanden Texas drie weken in Nederland bent: Wat is alles klein! Vooral de weg en wat is het druk op die weg! Wat gaat alles gehaast! Wat duurt die file lang! (vier uur gedaan over een tripje Leerdam-Oosterhout) Wat is het eten lekker! Wat maakt iedereen zich druk! Wat zijn de trappen stijl! Wat zijn de mensen eigenzinnig! Wat kun je lekker op je blote voeten buiten lopen! Wat is alles duur!

 

 

 

Mijn locatie .